Een losse bovenlaag is de basis voor zaaien en planten. Hier vind je 33 gesmede harken, cultivators, krabbers en woeltanden met essen greep of steel: van een handbladhark van 90 gram tot een gesmede stalen hark met 16 tanden.
Een hark met veel korte tanden gebruik je om de grond fijn en vlak te maken, om stenen en kluiten eruit te halen en om blad of maaisel op te ruimen. Een cultivator of krabber heeft drie tot vijf lange, gebogen tanden. Die trek je door de grond om de bovenlaag los te maken, onkruid los te woelen en compost in te werken. Een woeltand heeft één gebogen tand en gaat dieper, zonder de grond om te keren. In de praktijk gebruik je ze na elkaar: eerst losmaken met een cultivator of woeltand, dan vlak harken voor het zaaien.
Hoeveel tanden en welke steel?
Een krabber met 3 tanden gaat makkelijk door vaste grond en tussen planten door. Met 5 tanden bewerk je in één haal een bredere strook, wat sneller werkt in een open bed. De Gesmede krabber met 3 tanden is er met handgreep (300 g), knopsteel van 48 cm, steel van 75 cm of steel van 140 cm. Voor zware grond is er de Zware cultivator met 3 gesmede tanden, van 1200 gram met een steel van 140 cm. Wie staand wil werken in de moestuin, kiest een steel van 130 tot 150 cm. Voor bakken en borders zijn de korte grepen van 14 cm en de knopstelen van 48 cm handiger.
Handharken en cultivators voor bak en border
Tussen planten wil je klein gereedschap. De Handhark met 3 of 5 tanden weegt 200 tot 220 gram met handgreep, of ruim 300 gram met steel van 48 cm. De Bio-cultivators zijn nog lichter, vanaf 140 gram. De Handbladhark van 90 gram haalt blad tussen vaste planten weg zonder ze te beschadigen. De Tuinklauw met brede T-greep draai je in de grond om hem los te maken. De Bio-woeltand maakt de bovenlaag los in een moestuinbak. Met de Handploeg, klein met knopsteel van 48 cm of groot met steel van 140 cm, trek je een zaaivoor of maak je een strook grond los.
Harken voor gazon en pad
Voor het gazon zijn er drie typen. De Gazonhark met 20 tanden aan een steel van 140 cm haalt blad en maaisel op. De Verticuteerhark en de Wied- en verticuteerhark trekken mos en vilt uit het gras, wat je meestal in het voorjaar doet. De Gazonbeluchter met T-steel van 80 cm prikt gaten in een verdichte grasmat. Voor grind, zand en egaliseren heb je een stevige hark nodig: de Gesmede stalen hark is uit één stuk staal gesmeed met 14 of 16 tanden, en de Asfalthark heeft 14 tanden in een lichte en zware uitvoering. Beide hebben een steel van 150 cm.
In het voorjaar, zodra de grond droog genoeg is om niet aan je laarzen te plakken, maak je met een cultivator de bovenlaag los voordat je zaait of plant. In het groeiseizoen haal je hem tussen de rijen door om de korst te breken en jong onkruid los te woelen. In het najaar werk je er compost of bladaarde mee in.
Wat is het verschil tussen een woeltand en een spitvork?
Met een spitvork til je de grond op en keer je hem om. Een woeltand heeft één gebogen tand die je door de grond trekt, waardoor de bodem openbreekt zonder dat de lagen omdraaien. Het bodemleven in de bovenlaag blijft zo op zijn plaats. Een woeltand gaat met minder kracht door de grond, maar maakt een smallere strook los.
Wanneer moet je het gazon verticuteren?
Meestal in het voorjaar, als het gras weer groeit en de grond niet te nat is, rond april of mei. Een tweede ronde in het vroege najaar kan als er veel mos staat. Maai het gazon eerst kort, trek de verticuteerhark in twee richtingen door het gras en hark het losgekomen mos en vilt daarna op.
Welke hark gebruik je om grond vlak te maken voor zaaien?
Neem een hark met korte, stevige tanden en een rechte kop. Trek en duw hem afwisselend over de grond tot kluiten en stenen eruit zijn en het bed vlak ligt. De Gesmede stalen hark met 14 of 16 tanden is daar geschikt voor. Voor een klein zaaibed of een bak volstaat een handhark of Bio-handhark.