Rooien vraagt om een ander blad
Bij rooien snijd je wortels door en til je een stronk of wortelstelsel uit de grond. Daarvoor heb je een scherp blad nodig en een steel die het wrikken aankan. Een rooispade is daarom zwaarder gebouwd dan een tuinspade, en vaak smaller, zodat je met dezelfde kracht dieper komt.
Gebruik de spade om wortels door te steken, niet om dikke wortels door te hakken. Voor wortels dikker dan een duim pak je beter een zaag of bijl erbij. Zo blijven blad en steel heel.
Licht of zwaar
De Lichte rooispade weegt 1250 gram met T-greep en 1300 gram met D-greep, aan een steel van 85 cm. Het blad is smal, zodat je gericht naast een plant kunt steken om uitlopers en woekerende wortels af te steken. In het gesmede blad zit een kerf. Daar valt de wortel in, zodat hij doorgesneden wordt in plaats van opzij geschoven. Dit model is handig in borders, bij uitlopers van struiken en rond fruitbomen.
Rooispade model 1778 zit met 2000 gram en een T-steel van 75 cm in het midden. Rooispade model 1378 is de zware: T-steel van 90 cm (2800 gram), knopsteel van 100 cm (2700 gram) of D-greep van 90 cm (3000 gram). Door het gewicht is hij gemaakt om wortelwerk af te steken en los te wrikken.
Welke steellengte
Bij rooien sta je vaak gebogen over een gat en gebruik je de steel als hefboom. Een langere steel geeft meer hefboom en spaart je rug. Ben je lang of moet je veel stronken uit de grond halen, neem dan de knopsteel van 100 cm van model 1378. Werk je met korte, gerichte steken in een border, dan ligt de 85 cm van de Lichte rooispade prettiger in de hand.